Poncho:

Belevenissen van een eigenzinnig hondje*

 

 

*De volgende belevenissen hebben in 2002/'03 wekelijks op de website Dier en Natuur (van het avroprogramma Alle Dieren Tellen Mee) gestaan. In januari '08 zijn er zeven verhaaltjes toegevoegd.



          

 

 

 

 

Poncho & Poentje

 

Dat Poncho een heel tolerant persoontje is, daar bestaat geen twijfel over. Heel goedmoedig is ze bereid haar huis te delen met drie konijnen. ‘Leven en laten leven’ is daarbij haar motto en mits de konijnen voor haar uit de weg gaan als zij aan komt denderen, gunt zij ze verder alle vrijheid. Hoewel je het nou ook weer niet te ver moet doordrijven. Zo kun je als konijn maar beter niet in de buurt komen als Poncho haar maaltijd aan het verorberen is. Want dat is vragen om een lelijke grauw.

 

Helemaal te bont maakt Poentje-konijn het door op een ochtend bij het baasje op schoot te springen terwijl die haar ontbijt nuttigt. En als Poentje dan ook nog beloond wordt voor dit kwalijke gedrag en een korstje brood krijgt, is voor Poncho de maat vol. Met een moordzuchtige uitdrukking in haar ogen stormt ze op Poentje af, die haastig zijn broodkorst in veiligheid brengt. Voor zijn kooi blijft Poncho minutenlang gekweld zitten kijken – bestaat er nog gerechtigheid op de wereld?

  

    

  

                                    ------------------------

     

   

  

  

  

De Spelregels van het Strandbalspel (bedacht door Poncho)

  

Een bepaald merk konijnenvoer komt met een actie: een gratis opblaasbare strandbal bij aankoop van een kilozak. De meneer van de dierenwinkel denkt niet dat een opblaasbal iets is voor hondjes. Hij denkt dat die de bal wel snel stuk zullen bijten. Ik denk dat het precies is wat Poncho leuk zal vinden.

 

In het park stuitert de bal nadat-ie opgeblazen is over het gras. Bambi, Poncho’s hondenvriendinnetje, bijt er meteen drie gaatjes in, maar dat is te verhelpen met een stukje cellotape. De volgende dag stuitert de opblaasbare strandbal opnieuw over het gras.

 

Poncho ontwikkelt haar eigen methode. Die bestaat eruit zo snel mogelijk de stop van de bal te lokaliseren en vervolgens het dopje eraf te trekken zodat de bal leegloopt. Daarmee zijn de spelregels van het strandbalspel bepaald: proberen de bal zo lang mogelijk over het gras te laten stuiteren en daarmee het moment dat Poncho de stop te pakken krijgt uitstellen. Maar Poncho is goed: ze rent kriskras achter de bal aan, rolt eroverheen en betast hem intussen aan alle kanten om de stop te vinden. Langer dan twee minuten duurt het nooit voordat de strandbal leegloopt. En daarmee is het spel ten einde. 

    

  

  

                                    ------------------------

     

  

   

  

  

Poncho in het paradijs

 

Poncho's versie van het paradijs is als volgt: een rommelige kamer of serie kamers met in elk geval een bank om op te springen maar liefst ook een bed om je onder te verstoppen, overal speeltjes, dingetjes, voorwerpen en graag ook een of meer kinderen.

Omdat vandaag Poncho's geluksdag is, brengen we een bezoekje aan zo'n huishouden van Jan Steen. Poncho rent dol van vreugde heen en weer door de kamers, en als we haar weer in de gaten krijgen heeft ze net op een kinderbed een klaarliggende Pampers-luier aan flarden gescheurd en loopt ze rond met een broodtrommeltje in haar bek, dat ze in opdracht van de eigenaar ervan naar de keuken brengt. Direct daarna vindt ze een kinderbroekje, dat ze heen en weer schudt als ware het een prooidier.

Maar dan moeten we weer gaan, want het was een bliksembezoekje. Het kost grote moeite Poncho van het huis weg te lokken, en de hele weg naar huis blijft ze met een spijtige blik in haar ogen omkijken.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

  

Poncho's noodlot

 

Poncho houdt niet van regen; sterker nog, ze háát regen. Regen is Poncho’s natuurvijand nummer 1. Op een weersonbestendige dag heeft Poncho de pech net buiten te lopen wanneer het noodlot toeslaat: met bakken tegelijk valt het water uit de lucht. Er zit maar één ding op: in blinde paniek slaat Poncho aan het rennen, op zoek naar een schuilplaats.

Poging 1: Poncho springt op het stoepje van het dichtst bijzijnde huis en drukt zich stijf tegen de voordeur aan. Omdat de regendruppels haar witte jasje echter nog net zo hard blijven teisteren, maakt Poncho snel een nieuwe berekening van de situatie. Ditmaal een betere.

Poging 2: Ver weggekropen onder een auto blijft Poncho rillend en in elkaar gedoken wachten tot er geen druppel meer valt. Wat er uiteindelijk onder de auto vandaan komt kruipen is een weliswaar kurkdroge maar ook zwartgestreepte zebra-Poncho – en dat blijft ze nog minstens een week want autosmeer is een hardnekkig goedje.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

 

  

 

      

Poncho's weerzien met het baasje

 

Tijdens mijn vakantie is Poncho een weekje op een logeeradres geweest. Ze heeft zich niet op haar fraaist gepresenteerd, hoewel er verzachtende omstandigheden waren: dit was Poncho's eerste logeerpartijtje ooit. Zoals ik al had verwacht, heeft Poncho de hele week geen stap met de logeermevrouw alleen willen wandelen (te saai; met de buurkinderen erbij wilde ze maar al te graag mee). Ik vreesde dan ook dat ze niet vrijwillig mee zou lopen naar de metro om het baasje te begroeten wanneer die haar weer op kwam halen. Daarom had ik de trucs/instructies al doorgegeven die, zo wist ik, zeker zouden werken.

 

De bewuste zondagochtend wilde Poncho inderdaad niet mee naar buiten. Truc 1 werd in werking gesteld. AN-NA TOE? werd haar luid en duidelijk gevraagd. Poncho leek wel wat geďnteresseerder maar was nog niet overtuigd en bleef liggen. Toen werd overgegaan tot truc 2: de tas werd gepakt. KIJK PON-CHO: TAS MEE. AN-NA TOE EN TAS MEE. Dit deed het 'm. Want Poncho weet: wanneer de tas meegaat, staat haar iets leuks te wachten. Naar een winkel lopen met alle daaraan verbonden aandacht of, nou ja, desnoods het baasje ophalen van de metro.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

  

Poncho's liefde voor het bos

 

Na een lange boswandeling heeft Poncho nog helemáál geen zin om naar huis te gaan. Dat maakt ze me duidelijk door op vier pootjes om me heen springen, te blaffen, kortom alles uit de kast te halen om niet opgepakt te worden om in de auto te worden gezet.

 

Hoewel komisch, ga je je na een halfuur toch wel wat ongemakkelijk voelen ten opzichte van je medehondenbezitters als het voor iedereen duidelijk is dat je wel wílt maar niet kúnt vertrekken omdat je hond niet meewerkt.

 

Na van alles te hebben geprobeerd om Poncho van het urgente van de situatie te overtuigen (smeken, dreigen, vleien) gaan we ten slotte weer terug het bos in om haar af te leiden. Maar Poncho blijft alert: pas na nog eens drie kwartier te hebben gelopen lukt het me haar te overrompelen en met haar aan de riem terug naar de parkeerplaats te lopen.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho is (niet echt) zielig

  

Aan het einde van de dag begint voor Poncho de pret pas echt. Ze is ontzettend actief, kan geen rust vinden en racet door het huis met speeltjes waarvoor ze helaas niet hondenvriendinnetje Bambi maar het baasje uitnodigt om mee te spelen. Om halfnegen ben ik het een beetje zat en neem ik Poncho op schoot; meestal kalmeert ze dan direct en valt ze in slaap.

Niet nu. Na een kleine worsteling neemt ze een sprong en dan valt ze met een dreun die je eerder zou verwachten van een blok hardhout op haar rug op het parket. Ik ben wel wat geschrokken en inspecteer en troost Poncho, die zich meteen in haar mand terugtrekt en zich de rest van de avond niet meer verroert.

Totdat het bedtijd is. Op precies dat moment ontwaakt ze: ze staat op uit haar mand en loopt met een uitgestreken gezicht met me mee naar het traphekje. Want Poncho weet: als ze zielig is, mag ze in bed slapen. En dat heeft ze drie uur na haar val heel goed onthouden.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

  

Poncho's speciale band met de dierenwinkel

  

Na het posten van een brief komen we in de buurt van de dierenwinkel, favoriete plek van Poncho maar gevaarlijk terrein op zondag. Zoals verwacht moet en zal ze de straat oversteken naar haar geliefde winkel, en zo staan we niet veel later voor de winkeldeur.

Poncho aan de riem meetrekken, smeken, dreigen, vleien, het heeft allemaal geen zin: ze weigert te geloven dat ze zo dicht bij het dieren-eldorado gekomen niet naar binnen kan, en denkt er al helemaal niet aan zonder resultaat terug naar huis te lopen.

Uit ervaring weet ik dat er nu maar één ding opzit: Poncho optillen en van de plaats des onheils wegdragen, haar thuis troosten en een lekker kluifje geven om de teleurstelling wat te verzachten.

    

  

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho kaasmonster

 

Elke vrijdagmiddag mag Poncho mee naar de natuurvoedingswinkel waar ik een paar uurtjes meehelp. Poncho is dan een groot deel van de tijd onder de broodmachine te vinden, of ze schuimt de rest van de vloer af op zoek naar kruimeltjes. Maar ook de prullenmand bij de kaasafdeling is favoriet: die wordt vakkundig van propjes papier en plastic zakjes ontdaan in de hoop dat er een kaaskorstje tussen zit. Soms begint ze ineens hard tegen de prullenmand te blaffen. In Poncho's eigen taal betekent dit: 'Stuk kaas onder in de prullenmand, ik beveel je: kom eruit.' Ofwel efficiënter: 'Mens-die-naast-me-staat, haal dat stuk kaas waar ik niet bij kan voor me uit de prullenmand.' En natuurlijk komt die kaas uiteindelijk toch wel waar hij hoort: in Poncho's gretige bek.

 

Prullenmanden hebben de laatste tijd een vreemde aantrekkingskracht op Poncho. Overal waar ze komt worden prullenmanden toegeblaft of zo mogelijk omver getrokken. Poncho heeft haar eigen conclusie getrokken: waar een prullenmand is, is kaas voor Poncho.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho's tic (I)

 

Elke hond heeft wel een tic en die van Poncho is de volgende: ze weigert zich na een wandeling te laten optillen om in de kist op de fiets gezet te worden. Poncho heeft geen hekel aan de kist op de fiets, geen nare ervaringen met de kist op de fiets en ook zit ze op een lekker zacht kleedje, maar ze wil na een wandeling gewoon niet opgetild worden om in de kist op de fiets gezet te worden.

 

Toen ik nog niet slimmer was geworden dan mijn hondje (door haar voordat ze de fiets in de gaten krijgt aan de lijn te doen) was goede raad op die momenten duur: steeds als ik haar wilde pakken sprong ze opzij, om vervolgens uitdagend door haar voorpootjes te zakken en te blaffen. Er zat dan niets anders op dan Poncho op de terugweg los mee naast de fiets te laten rennen. Na een wandeling door het bos was dit door het drukke verkeer echter niet mogelijk en kon ik maar één oplossing bedenken: Poncho zo moe maken dat ze geen weerstand meer zou bieden. Uiteindelijk werkte dit plan, maar daarvoor was het wel nodig vijf keer met reusachtige snelheid enkele honderden meters te fietsen. Pas toen was Poncho zo uitgeput dat ze zich zonder weerstand liet optillen en in de kist op de fiets zetten.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho's tic (II)

 

Nog steeds niet slimmer geworden dan mijn hond moet ik na een lange wandeling weer met lede ogen aanzien hoe Poncho weigert zich in de kist op de fiets te laten tillen. Zodat ze uiteindelijk haar zin krijgt en los naast de fiets mag meelopen. Tot we bij een drukke autoweg komen, waarvan door werkzaamheden het voetpad blijkt te zijn geblokkeerd zodat de wandelaar gedwongen is over de weg te lopen.

 

Hiermee is de maat vol en ik loop, met Poncho keurig los naast de fiets trippelend, naar de werklui ter plekke. Aan een gespierde bouwwerker leg ik mijn verhaal voor en vraag hem of hij zo goed zou willen zijn Poncho op te tillen en in de kist op de fiets te zetten. De man bekijkt Poncho een moment, draait zich dan om en loopt naar zijn collega in de bouwkeet. Tussen de twee vindt kort en hevig overleg plaats, waarna de collega naar buiten komt en de verbouwereerde Poncho met één grote zwaai optilt en in de kist op de fiets zet. Waarna Poncho onder veiliger omstandigheden naar huis kan worden vervoerd.

   

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho’s rode neus

  

Om de zoveel tijd heeft Poncho een vuurrode neus, tenminste, niet haar neus zelf is rood maar de plooi vlak boven haar neus. Hoe dan ook, haar neusplooi is vuurrood en blijft dat een dag of zo. Daarna is hij weer wit.

 

Verschillende mensen uit Poncho’s omgeving valt de geregeld terugkerende rode kleur van haar neusplooi op. Er ontstaat een levendige discussie over, waarbij niemand, ook Poncho’s eigen baasje niet, de precieze oorzaak kan vaststellen van die plotseling optredende rode kleur. Het verhaal dat het meest logisch klinkt gaat over koeien waarvan de roze neuzen in de zon verbranden en is afkomstig van de hondenkenner die aanraadt Poncho’s neus voor het zonnen met zonnebrandcrčme in te smeren.

 

Toch houd ik dat vage gevoel dat niet de zon of welke andere factor dan ook van buitenaf, maar Poncho zélf op de een of andere manier verantwoordelijk is voor die plotseling opduikende kleurverandering. Tot ik er getuige van ben hoe Poncho in een van haar gekke buien met haar neus haar kunststof mand half oplicht en er de hele kamer mee door wandelt. Nadat ze de mand zo’n zes meter verderop weer heeft neergezet, trekt ze zich terug op haar kleedje – om een halve minuut later met een vuurrode neus in de lens van de camera te kijken.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho’s sportieve beperkingen

  

In al haar grilligheid kan Poncho toch heel voorspelbaar zijn. Zo doet ze het, gelegen in haar luie stoel, ’s ochtends graag kalmpjes aan. Als je dan het lef hebt haar mee naar buiten te nemen, kun je er maar beter voor zorgen dat je wat te bieden hebt. Mooi, zonnig weer bijvoorbeeld. Of een ritje op de fiets. Zodat Poncho die onoverkomelijke meters naar het park in elk geval niet lopend hoeft af te leggen.

 

Wil je desondanks toch een poging wagen Poncho op een wat sombere dag vóór twaalf uur ’s middags mee te nemen, dan verloopt het ritueel ongeveer als volgt:

 

1) Poncho gaat zitten, een frons verschijnt op haar voorhoofd.

 

2) Poncho staat op, draait zich om en begint snel te lopen in de richting van de dierenwinkel.

 

3) Poncho zet zich schrap als de riem haar de andere kant, richting park, uit trekt.

 

4) Poncho wordt van de riem losgehaakt en gaat weer zitten, baasje en hondenvriendinnetje Bambi nastarend tot die uit het zicht verdwenen zijn.

 

5) Poncho begint te lopen, eerst langzaam en dan steeds sneller, tot ze de in stap 4 genoemde wezens heeft ingehaald, waarna ze weer gaat zitten, baasje en Bambi nastarend.

 

Enzovoort.

 

Maar je kunt Poncho op een kille dag ’s ochtends natuurlijk ook gewoon thuislaten en het wat later nog eens proberen.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho krijgt een mobiele telefoon

 

Eindbestemming van een lange wandeling is een terras aan het water. Na enige tijd te hebben uitgerust is Poncho echter nog niet toe aan de terugtocht. Daarom mag ze even het bijbehorende restaurant vanbinnen bekijken en dan is het goed en kunnen we gaan.

 

Als we vervolgens een winkelstraat moeten oversteken, herinnert Poncho zich ineens dat hier vorig jaar toch heus ergens een dierenwinkel was. Na zich even te hebben georiënteerd loopt ze er zonder aarzelen naartoe, ons met zich meetrekkend.

Omdat ik niets nodig heb in de dierenwinkel kost het enige moeite, maar dan vinden we toch wat: een mobiele telefoon voor Poncho.

Hij is groen, heeft een serie blauwe toetsen en een lachend gezichtje. Poncho is er wát trots op en draagt hem zelf de hele weg naar huis.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Hoe Poncho aan haar speelgoed komt

 

Na een lange wandeling strijken we weer ’ns neer op het terras aan het water. Omdat dit Poncho’s hoogtepunt is van de wandeling mag ze na afloop wederom even binnen in het restaurant kijken. Dan gaan we weer en om Poncho te misleiden nemen we ditmaal een andere, voor Poncho onbekende weg, die met een grote boog om de dierenwinkel in de nabije winkelstraat leidt. Even lijkt dit plan te werken maar op het kruispunt aangekomen aarzelt Poncho even en dan weigert ze verder nog één stap te zetten tenzij het richting dierenwinkel is.

 

Van de meneer van de dierenwinkel krijgt Poncho een lekker kauwstaafje. Omdat we er nu toch zijn, doen we maar gelijk de (on)nodige inkopen. Pas als Poncho is voorzien van 1) een bolle muis met een lange staart die piept als je erin knijpt, 2) een joekel van een kauwkluif en 3) een pakje Yarrah Duo Snacks Vegetarian (100% Bio Organic) is ze bereid de terugtocht te aanvaarden. Maar dankbaar is ze wel: bij terugkomst kauwt ze direct haar kauwkluif op en de rest van de dag speelt ze met de bolle muis met de lange staart die piept als je erin knijpt.

  

  

  

                                      ------------------------

     

  

  

  

Poncho showgirl

  

Op rastechnisch gebied is Poncho een schoonheid. Dat werd al vanaf haar puppytijd van alle kanten duidelijk gemaakt. Overal in het land worden hondenshows georganiseerd; je hondje inschrijven is een kwestie van een formulier invullen en de showdatum in je agenda noteren.

 

De showhal is groot, licht en bar ongezellig. Poncho is niet op haar gemak. Dan breekt het langverwachte moment aan: Poncho’s rondje in de ring. Onzeker en met trage stapjes loopt ze rond – tot ze zomaar wordt opgetild en op een tafel gezet en aan alle kanten door een vreemde mevrouw wordt betast. Dan is voor haar de maat vol: haar laatste rondje weigert ze te lopen en de enige manier om haar weer tot voor de keurmeester te brengen is door haar de ring rond te dragen.

 

Nadat haar rasgenootjes zich stuk voor stuk op hun paasbest hebben laten bekijken, volgt de uitslag: Poncho wordt derde en mag op de foto. Na afloop doet ze een plas op een gloednieuw hondenkleedje dat in een van de winkeltjes ter plekke te koop is. Tot zover Poncho’s showkwaliteiten.

  

    

  

                                    ------------------------

  

     

  

  

Poncho in en uit de regen

 

Vanochtend is de situatie kritiek: het motregent. Omdat het een nu-of-nooitsituatie is (volgens de weersvoorspellingen wordt de regen vandaag alleen nog maar erger) help ik Poncho een stukje op weg door haar tot aan het einde van de straat te dragen. Poncho staat echter nog niet met haar vier pootjes op de grond of ze keert zich om en loopt bliksemsnel terug naar huis. Ik tref haar weer aan op het stoepje, met haar blik verlangend naar de deur gericht en met zwevend boven haar hoofd zo’n stripverhaalballonnetje van een Poncho warm maar vooral droog gelegen in een leunstoel.

 

We onderhandelen even en sluiten een compromis: op de fiets naar de rand van een groot park en vandaar verder wandelen onder het dichte bladerdak. Dit verloopt tot beider tevredenheid en als het onderweg tijdelijk harder begint te regenen, last Poncho een droogtepauze in door een koffiehuis binnen te vluchten. En zo keren we in redelijk droge staat weer terug, waarna Poncho de rest van de dag haar stoel niet meer verlaat.

  

  

  

                                      ------------------------

  

     

  

  

Poncho’s alternatieve manier van voortbewegen

 

Het kan gebeuren dat Poncho’s pootjes zomaar ineens dienst weigeren. Ze blijven gewoon staan waar ze staan, wijken geen millimeter meer en lijken kortom compleet geblokkeerd. Poncho zelf heeft daar niet in het minst moeite mee; ze gehoorzaamt blindelings aan haar pootjes en schikt zich in de situatie.

 

Wel heeft ze sinds ze een kleine pup was een manier ontdekt om zich onafhankelijk van haar pootjes voort te bewegen. Daarvoor heeft ze dan een touw of tak nodig waarvan het andere eind door de een of andere mens wordt vastgehouden. Verder is een droog stuk gras vereist. Maar voor de rest gaat het eigenlijk vanzelf: Poncho bijt zich vast in touw of stok en laat zich op haar buik vallen, voor- en achterpootjes wijd gestrekt. Vervolgens hangt het van de kracht van haar kaken en van de goede wil van de willekeurige mens af hoe lang ze van deze alternatieve manier van voortbewegen gebruik kan maken.

 

Was Poncho lange tijd tevreden met de voortsleepmethode via de buik, de laatste maanden is ze aan het experimenteren geslagen. Zo liet ze zich enige tijd bij voorkeur gelegen op haar zij voortslepen, waardoor haar pootjes wat meer werden ontzien. De laatste maand is ook deze methode uit de gratie geraakt en verkiest Poncho het om zich van haar buik op haar zij en ten slotte op haar rug te laten vallen en zich zo te laten voortbewegen. En met dit sterke staaltje van acrobatische kunst bewijst Poncho dat ze haar pootjes helemaal niet nodig heeft om een grasveld over te steken.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho gaat uit winkelen

 

Op een druilerige dag blijft Poncho ’s middags maar het liefst in haar luie stoel liggen. Het kost dan ook de nodige moeite haar buiten te krijgen, en ik ben blij verrast als ze na enig aarzelen geheel uit zichzelf begint te lopen, al is het niet richting park. Nee, Poncho loopt met zelfverzekerde tred een heel andere kant uit en wil van geen omkeren weten.

 

Poncho zet er stevig de pas in, loopt langs autowegen en eindeloos veel huizenrijen, en komt ten slotte in een winkelstraat. Hier gaat ze langzamer lopen, zodat ze van elke winkel waarvan de deuren openstaan het interieur kan bestuderen en van winkels met gesloten deuren de gevels kan besnuffelen. Zo vervolgen we onze weg, de ene winkelstraat in en de andere uit. Als na drie kwartier winkelen ten slotte ook Poncho gaat inzien dat winkels in wezen allemaal hetzelfde zijn, mogen we van haar naar huis. En hiermee behoort Poncho tot de kleine minderheid van honden die uit eigen vrije wil (en met veel genoegen) aan een riempje winkelstraten doorkruisen in plaats van zich uit te leven in het park (zoals een normale hond betaamt).

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho laat van zich horen

 

Als kleine puppy was Poncho uitzonderlijk bedreven in de taalvaardigheid; zij kon de wonderlijkste klanken voortbrengen. Zo kon Poncho keffen als een chihuahua (bij opwinding), kraaien als een baby (in een gekke bui) en jammeren als een kind (als ze uit haar slaap werd gehaald voor de zindelijkheidstraining). Ook had ze een speciale ‘gebiedende’ blaf die ze te pas en te onpas gebruikte: om haar bak met eten van het aanrecht op de keukenvloer te krijgen, om het hek tussen tuin en terras voor zich te laten openen en om de buitendeur door te kunnen voor de nodige portie spanning en sensatie.

 

Nu Poncho is volgroeid is haar spraakzaamheid wat afgenomen, maar toch weet zij zich nog altijd bovengemiddeld uit te drukken. Haar gebiedende blaf heeft ze behouden, al bediend ze zich daar alleen nog maar van in noodsituaties – bijvoorbeeld om een onder de bank gerold balletje te pakken te krijgen, of om het baasje ’s ochtends uit bed te halen zodat Poncho zich op haar leunstoel kan laten tillen voor haar ochtendslaapje. Maar haar specialiteit is het uiting geven aan haar gekke buien via de meest wonderlijke klanken: een mengsel van hondengebrabbel, korte kefjes, diepe keelklanken en vreemde rochels. Dit alles gelegen op haar rug waarbij haar vier pootjes het klankspel via een ongecontroleerde choreografie ondersteunen.

    

  

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho's act

 

Zaterdag 5 oktober is een speciale dag want dan houdt het dierenopvangcentrum zijn jaarlijkse Open Dag. Ook Poncho’s baasje doet dit jaar mee met een kraampje voor haar vegetarische kookboeken. Natuurlijk is Poncho van de partij, vanwege het gure herfstweer gehuld in haar gloednieuwe Schots geruite jasje.

 

Poncho’s act-voor-die-dag in de vorm van een standbeeldimitatie, in combinatie met haar nieuwe outfit, maken haar tot publiekstrekker nummer één. Hoog gezeten op haar kraam laat ze zich alle aandacht gaarne welgevallen. En omdat Poncho een warmbloedige persoonlijkheid is, bedankt ze de vriendelijke bezoekers stuk voor stuk op haar eigen speciale manier – met een overvloed aan likjes en soortgelijke expressieve uitingen van innige genegenheid.

   

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Een verhaaltje over Poncho’s teen

 

Op een kwade dag verstuikt Poncho haar teen. Met een pijnstillertje en een paar dagen rust doet Poncho’s teen het weer en rent ze weer als nooit tevoren.

 

Een week later is Poncho’s teen opnieuw verstuikt. Nu mag ze een week niet meer los rennen want anders wordt haar teen nooit beter, zegt de dierenarts. Maar dit advies ontgaat Poncho en als ze ziet dat hondenvriendinnetje Bambi mee naar buiten mag wil zij ook mee.

 

Drie dagen achterelkaar komt Poncho ondanks haar verstuikte teen van haar leunstoel elke keer dat Bambi mee mag voor een wandeling. Drie dagen achterelkaar moet Poncho toekijken hoe zíj niet en Bambi wel mee mag voor een wandeling.

 

Dag vier tot en met dag zeven blijft Poncho van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat op haar leunstoel liggen en kijkt niet meer op of om als Bambi mee mag. Als Poncho dan helemaal geen aandacht meer krijgt, zoek je het wat haar betreft maar uit.

 

Dag acht mag Poncho weer alles doen. En hierbij is haar teen genezen verklaard.

  

    

      

  

                                     ------------------------

  

  

       

     

  

Behendige Poncho

 

Poncho verwacht en eist een minimale persoonlijke aandachtsduur van drie uur per dag. Wordt zij niet dagelijks gedurende deze minimale tijd beziggehouden, dan zal zij haar ongenoegen uiten op een wijze die niets aan de verbeelding overlaat en voor zolang haar energievoorraad het toelaat (wat heel erg lang is).

 

Omdat Poncho misschien niet de fysieke bouw maar wel de geestelijke activiteit van een border collie heeft, mag zij een proefles behendigheid (agility) meemaken bij een hondenschool. Ook haar hondenvriendinnetje Bambi mag meedoen, die met haar kleine en wendbare lichaampje misschien wél de fysieke bouw heeft voor deze sport maar die van elke ambitie in deze richting verstoken blijkt.

 

Wat Poncho betreft: ook al heeft ze niet de snelheid van een windhond, aan het einde van de les kan zij wel los en zonder fouten door de tunnel en over de kattenloop rennen, en over de A-schutting klimmen. Maar de talloze hordes, die zijn voor haar niet weggelegd: waarom eroverheen springen als je er ook onderdoor kunt?

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Dancing Poncho

 

Na de proefles behendigheid mag Poncho ook nog een proefles doggy dancing doen. In een overdekte hal laten de overige honden hun reeds geleerde ‘danspasjes’ zien. Omdat Poncho ergens halverwege de cursus invalt, heeft ze deze avond een boel te leren.

 

Min of meer op de maat van de muziek draait Poncho met haar neus dicht tegen een hondenbrokje aan ‘achtjes’ door mijn benen. Ook draait ze rondjes om me heen en vóór me, zowel met de klok mee als tegen de klok in. Toegegeven, Poncho heeft de elegantie van een tinnen soldaatje maar wanneer snel achter elkaar en herhaaldelijk uitgevoerd roept ze met deze kunstjes ergens in een verre verte toch heus het beeld op van een dancing doggy. Maar waar het uiteindelijk om gaat: drie kwartier lang krijgt Poncho exclusieve aandacht en na afloop is ze moe maar voldaan.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Prinses Poncho of: Poncho’s favoriete vervoermiddel

 

Als Poncho mocht kiezen zou ze een prinsesje willen zijn, het liefst een heel verwend. Haar hofhouding zou haar de hele dag vermaken met piepspeeltjes en touwtrekspelletjes en haar siësta’s zou ze houden op een fluwelen bedje. Maar eerst en vooral zou ze zich laten vervoeren in een draagstoel, die haar zachtjes wiebelend zou brengen tot aan de rand van park en bos.

 

Nu is Poncho geen prinsesje maar een doodgewoon hondje dat zo haar voorkeuren heeft en zich het liefst van al voortbeweegt in een auto. De keren dat Poncho mee mag met de Greenwheels-huurauto vormen ware hoogtepuntjes. Lang uitgestrekt en met gekruiste achterpootjes vlijt zij zich neder op de achterbank en valt ter plekke in een zachte slaap, een innig tevreden blik op haar snoet, een schittering in d’ogen.

 

De anticlimax komt wanneer het ritje voorbij is en de auto wordt afgeleverd op de daarvoor bestemde parkeerplaats; vanaf dat punt begint de helse terugtocht naar huis, die – o rampspoed – te voet dient te worden afgelegd. Uiteindelijk lukt het Poncho thuis te komen, maar niet nadat zij alle traagheidsrecords heeft gebroken door een route waar een normaal hondje vijf minuten over doet in drie kwartier af te leggen.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

Poncho’s ego

 

Poncho vindt dat Poncho het belangrijkste wezentje op aarde is. Mocht het je overkomen dat je haar passeert zonder haar een blik waardig te keuren, dan zul je daarvoor direct worden gecorrigeerd. Er zal een wit-met-zwarte gedaante pal voor je komen zitten en je indringend aanstaren.

 

De brandweerlieden die een zielige eend in het park proberen te redden, zijn slim genoeg om Poncho’s persoontje naar waarde te schatten. Tijdens hun inspannende werkzaamheden vermaken zij Poncho en vermaakt Poncho hen. Toppunt van vermaak is de grote, dikke brandweerliedenhandschoen waar Poncho mee mag spelen. Ze werpt het ding in de lucht, werpt zichzelf op de rug en gooit het ding in de lucht en trappelt ook nog met alle vier haar pootjes tegelijk.

 

Aandacht wordt door Poncho altijd ten zeerste gewaardeerd. Zozeer zelfs dat ze soms op slag vergeet wie haar ware baasje is. In het slagveld om de aandacht van de brandweerlieden die alle kanten op lopen gaat Poncho’s opwinding er compleet met haar vandoor – en ze verdwaalt hopeloos. Pas na een vol kwartier zoeken komen baasje en hondje elkaar ergens aan de rand van het park weer tegen.

    

  

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho’s onbereikbare vijanden

  

Poncho onderhoudt in het algemeen uitstekende relaties met haar soortgenoten, vooral met de kleinere exemplaren. Van onbekende grote honden is ze bang en van bekende grote honden is ze niet bang. Met die laatste groep speelt ze soms zelfs.

  

Een heel andere klasse wordt ingenomen door blaffende honden achter een stevig afgesloten hek, een combinatie die dergelijke honden in de categorie ‘onbereikbare vijand’ doet belanden. En tegen een onbereikbare vijand ben je vrij om zo lelijk te doen als je wilt: haren overeind, tanden bloot, grauwen en grommen wat je kunt.

 

Elke keer als we de laatste weken over het wandelpad langs het water lopen, rent Poncho al meters vooruit naar haar onbereikbare-vijanden-van-het-moment: drie prachtige maar zeer luidruchtige Engelse setters. Het ritueel is steeds hetzelfde: zo hard en lelijk mogelijk blaffen, eerst vanachter het ene hek en dan nog een toegift vanachter een tweede hek van de tuin. Hier doen beide partijen elke keer weer met even groot enthousiasme aan mee – tot de bazin van de setters Poncho op een dag deelname aan dit ongenuanceerde hoorspel verbiedt want het is niet volgens de smaak van de buren.

 

Omdat Poncho persoonlijk hiervan nauwelijks onder de indruk is, krijgt zij een aanlijngebod opgelegd voor de zone waarin zich het huis-met-de-setters bevindt. Wat haar overigens niet zo heel veel uitmaakt: ook aan de riem kun je je prima uitleven op de onbereikbare vijand.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho ontmoet Muffin

 

Op een dag krijgt Poncho er een vriendje bij. Het is er een van het ras mopshond, een Vlaamse Belg op leeftijd, afkomstig van een asiel net over de grens. Hij is beleefd en rustig en maakt het zijn nieuwe huisgenootjes toch niet echt moeilijk.

 

Maar Poncho moet hem gewoon niet. De eerste dagen loopt ze als een schaduw met hem mee, blokkeert ze al zijn gangen en gunt ze de arme Muffin nog niet het beetje lucht dat hij inademt. Geleidelijk aan begint ze zich beter te gedragen ten opzichte van de nieuwe kostganger, zolang hij het maar niet waagt op de bank dan wel bij het baasje op schoot te springen. Want dan zorgt ze er wel voor dat hij net zo snel weer met zijn pootjes op de grond staat.

 

Toch kan Muffin door omstandigheden niet blijven en neemt daarom zijn intrek in een andere woning. Poncho maalt er niet om; immers: hoe minder Muffin, hoe meer Poncho.

    

  

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho breedbek-kikker

 

Als het zomers erg warm is, mag Poncho weleens mee naar een hondenstrandje waar ze lekker kan poedelen. Alsof dat niet leuk genoeg is, mag ze op een dag na het verkoelende uitstapje ook nog eens op bezoek bij haar nieuwe hondenvriendjes Daantje (ruwharige teckel) en Tjeska (kruising Turkse herder). Dit is spekkie voor Poncho’s bekkie en ze heeft dan ook de tijd van haar leven in het hondse huishouden.

 

Een week later kiest Poncho na een bezoekje aan ditzelfde strandje resoluut haar eigen route, die rechtstreeks naar het hiervoor genoemde bezoekadresje leidt. Het precieze huisnummer is ze vergeten maar ze zit er niet ver naast en met een klein beetje hulp eindigt ze ten slotte voor de gewenste huisdeur.

 

‘Dag breedbek-kikker van me,’ begroet de eigenares van Daantje en Tjeska haar. En met deze uitspraak is Poncho zo ingenomen dat ze haar gastvrouw de rest van het bezoek overlaadt met liefdevolle genegenheid – en haar dag niet meer stuk kan.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho op dieet

  

Poncho heeft een bolle buik en daarom moet ze op dieet. ’s Avonds krijgt ze eenderde minder voer in haar pan, maar dat accepteert ze niet. Met fixerende blikken en enkele gebiedende blaffen richting aanrecht weet ze het ontbrekende derde deel te bemachtigen. De volgende dagen krijgt Poncho geleidelijk aan minder voer.

 

Enkele dagen nadat Poncho’s dieet is ingegaan, is ze tijdens een lange wandeling ineens spoorloos verdwenen. Het baasje bedenkt zich geen moment en slaat aan het rennen, minutenlang, de hele vijver rond, aldoor op een fluitje blazend en Poncho’s naam roepend, intussen vervuld van medelijden met de arme Poncho die wel helemaal in paniek in het wilde weg aan het rondrennen moet zijn en niet eens haar penning draagt en als ze maar niet in verkeerde handen valt…

 

Dan duikt Poncho weer net zo plotseling op, een verbaasde uitdrukking op haar gezicht. Wat maak je je druk baas? Iets gebeurt tijdens mijn afwezigheid? Haar vies-besmeurde snoet vertelt haar verhaal: als Poncho’s pan dan niet meer goed gevuld is, scharrelt ze zelf het resterende gedeelte wel bij elkaar. En daarmee is Poncho’s dieet verleden tijd.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho’s trekspelletje

 

Poncho heeft een favoriet spelletje: met het baasje om het hardst trekken aan een rubberen bijtring. Poncho is zo dol op dit spelletje dat zij het op de gekste momenten wil spelen. Dat geeft ze aan door met de ring in haar bek en met grote smekende ogen tegen de bureaustoel van het baasje op te springen.

 

Het probleem hierbij zijn de Honden Opvoedkundige Regels. Deze schrijven namelijk voor dat het niet de hond maar zijn baas moet zijn die het moment van spelen bepaalt. Omdat de hond anders verwend raakt en dan de dienst gaat uitmaken in huis, zoiets.

 

Gelukkig ontmoeten we op een Goede Dag een Hondenpsycholoog BUITEN DIENST. Zij spreekt de volgende wijze woorden tot ons: ‘Je bent de baas als er gebeurt wat JIJ wilt. Als je Poncho zo ziet WIL JE toch niets anders meer dan spelen? En dat het hondje dan en passant haar zin krijgt... wat is daar eigenlijk op tegen?’

 

En komt het dat Poncho gewoon door mag blijven gaan met het bepalen van het moment waarop zij haar favoriete spelletje wil spelen, al is dat op de gekste momenten.

  

    

  

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho’s verblijf op Landgoed Avegoor

 

Diep vanbinnen is Poncho een heel bescheiden wezentje. Meer dan haar bal, een veldje met een zonnetje en ’s avonds een gezellig onderdak heeft ze tijdens haar vakantie niet nodig, en van het aantal sterren dat een hotel telt is ze zéker niet onder de indruk. Daarom was Poncho tijdens haar driedaagse verblijf op Landgoed Avegoor (****) gewoon haar onconventionele en spontane, maar vooral eigenzinnige en luie zelf. Wat er op neerkomt dat Poncho wel graag:

(1) op het Landgoed rondscharrelde dan wel op het terras aan het luieren was;

(2) op haar kleedje in de gezellige bar van het hotel verbleef.

En dat Poncho anderzijds niet graag:

(3) ook maar één stap buiten het Landgoed zette;

(4) de eindeloos lange gang, inclusief zes trappen, naar haar hotelkamer maakte.

 

Als gevolg hiervan was het bijna onmogelijk Poncho ervan te overtuigen dat een uitstapje in de omgeving of een wandelingetje in de nabijgelegen bossen óók best aangenaam kan zijn. Waardoor het beeld van Poncho op Landgoed Avegoor er voornamelijk één is van een zich verzettend, weigerachtig en halsstarrig hondje dat er in de eerste plaats opuit is zichzelf te plezieren. En voor wie dit met eigen ogen wil bekijken: als je hier klikt, krijg je aan de hand van een fotoverhaal een indruk van hoe consequent Poncho kan zijn tijdens haar vakantie.

  

  

    

                                    ------------------------

     

  

  

  

Poncho’s compensatie

 

Als bij Poncho thuis een klein, bolrond hondenlogeetje komt logeren, is zij daar helemáál niet blij mee. Eigenlijk is Poncho een beetje bang van deze indringer en doet daarom net of hij niet bestaat. En verder neemt ze het zekere voor het onzekere en blijft maar liever op haar stoel liggen, ver bij hem vandaan.

 

Natuurlijk moet Poncho’s misčre worden gecompenseerd, en daarom verzekert ze zichzelf in elk geval voor de nacht van het allerbeste slaapplekje dat ze kan bedenken: bij het baasje in bed. En dat maakt veel goed, dat is één ding zeker. ’s Ochtends bij het wakker worden overtreft ze zichzelf. Van haar eigen helft op die van het baasje gekropen rust ze met haar kopje op haar pootjes, die op hun beurt weer op het zachte hoofdkussen steunen, uit van de lange nacht. En met deze pose van een echte lady slaapt Poncho een gat in de dag.

  

    

  

                                    ------------------------

  

       

  

  

Poncho en Kitje

 

Poncho heeft een hondenvriendinnetje: Bambi. Dat heeft ze al meer dan twee jaar en ze is heel blij met dit hondse gezelschap. Het is dan ook niet op Poncho’s initiatief dat het baasje op een dag met een nieuw mormeltje thuiskomt: vuistgroot en met één hand te tillen zo licht.

 

Natúúrlijk neemt Poncho dit schepseltje niet serieus. Ze snuffelt er een beetje aan en loopt er verder met een opgeheven blik langs. Wel mag de nieuwkomer haar als kussen c.q. nestwarmer gebruiken, daar is Poncho best ruimdenkend in. Hondenvriendinnetje Bambi heeft er vooral plezier te bewijzen dat ze groter en sterker is en dat de kleine zich wat dat betreft niets in het onbenullige hoofdje hoeft te halen.

 

Na een week komt Poncho er puur bij toeval achter dat de nieuwe huisgenoot eigenlijk best leuk speelgoed is. En daarmee is haar interesse gewekt. Niet alleen speelt ze vanaf dat moment met de baby die Kit heet, ook bemoedert en beschermt ze haar als het moet. En hiermee is de basis gelegd voor een innige vriendschap tussen Poncho en het vreemde wezentje dat op een dag zomaar Poncho’s leefomgeving kwam delen.